Klant login
Log in
Registreer
Het aanmaken van een account heeft vele voordelen:
- Bekijk bestelling en verzendstatus
- Bekijk bestelgeschiedenis
- Reken sneller af
Winkelwagen
Subtotaal winkelwagen
U heeft geen product(en) in uw winkelwagen.
Talen
Fluconazol EG 200 Mg Caps 10
Terugbetaalbaar
Als je recht hebt op een terugbetaling voor dit geneesmiddel, betaal je in de apotheek een verlaagde prijs en niet de prijs die op onze webshop vermeld staat.
Terugbetalingstarief
€ 7,64 (6% inclusief btw)
Verhoogde tegemoetkoming
€ 4,54 (6% inclusief btw)
Dit product moet worden goedgekeurd door de apotheker.
Belangrijke informatie
Voor dit geneesmiddel is een voorschrift nodig. Na beoordeling door de apotheker kan je het komen afhalen en betalen in de apotheek.
Maximum toegelaten hoeveelheid in winkelwagen bereikt
Op bestelling
4.4 Bijzondere waarschuwingen en voorzorgen bij gebruik Tinea capitis Fluconazol is onderzocht voor de behandeling van tinea capitis bij kinderen. Hieruit bleek dat dit niet beter werkte dan griseofulvine en het algemene slaagpercentage was lager dan 20%. Fluconazole EG dient daarom niet te worden gebruikt voor tinea capitis. Cryptococcus De aanwijzingen voor de werkzaamheid van fluconazol bij de behandeling van cryptococcus op andere plaatsen (bijv. cryptococcus van de longen en de huid) zijn beperkt. Daardoor is het niet mogelijk om een dosisaanbeveling te doen. Diepe endemische mycosen De aanwijzingen voor de werkzaamheid van fluconazol bij de behandeling van andere vormen van endemische mycosen zoals paracoccidioidomycosis, lymfocutane sporotrichose en histoplasmose is beperkt. Daardoor is het niet mogelijk een dosisaanbeveling te doen. Candidiasis Onderzoeken hebben een stijgende prevalentie laten zien van infecties met andere Candida species dan C. albicans. Deze species zijn vaak inherent resistent tegen fluconazol (bijv. C. Krusei en C. auris), of ze vertonen een lagere gevoeligheid voor fluconazol (C. glabrata). Voor zulke infecties kan een andere antischimmelbehandeling nodig zijn, secundair aan falen van de behandeling. Daarom wordt voorschrijvers geadviseerd rekening te houden met de prevalentie van resistentie tegen fluconazol bij verschillende Candida species. Niersysteem Fluconazole EG dient met voorzichtigheid aan patiënten met nierdisfunctie te worden toegediend (zie rubriek 4.2). Bijnierinsufficiëntie Van ketoconazol is bekend dat het bijnierinsufficiëntie veroorzaakt en dit kon ook, hoewel in zeldzame gevallen, vastgesteld worden bij fluconazol. Voor meer informatie over bijnierinsufficiëntie gerelateerd aan gelijktijdige behandeling met prednison, zie rubriek 4.5. Lever- en galsysteem Fluconazole EG dient met voorzichtigheid aan patiënten met leverdisfunctie te worden toegediend. Zeldzame, soms dodelijke gevallen van ernstige levertoxiciteit zijn met fluconazol geassocieerd, vooral bij patiënten met ernstige onderliggende medische aandoeningen. In de gevallen van levertoxiciteit, geassocieerd met fluconazol, kon geen duidelijk verband met de totale dagdosis, de behandelingsduur, het geslacht of de leeftijd van de patiënt worden aangetoond. Deze levertoxiciteit is meestal reversibel gebleken bij stopzetting van de behandeling. Patiënten bij wie tijdens behandeling met fluconazol abnormale levertests ontstaan, moeten nauwlettend worden gevolgd op de ontwikkeling van ernstiger leverletsel. De patiënt moet worden geïnformeerd over symptomen die duiden op ernstig hepatisch effect (belangrijke asthenie, anorexie, aanhoudende misselijkheid, braken en geelzucht). De behandeling met fluconazol moet onmiddellijk worden stopgezet en de patiënt moet een arts raadplegen. Hart- en bloedvatstelsel Sommige azolen, waaronder fluconazol, zijn in verband gebracht met verlenging van het QT-interval in het elektrocardiogram. Fluconazol veroorzaakt QT-verlenging via de remming van de rectificerende kaliumstroom (Ikr). De QT-verlenging veroorzaakt door andere geneesmiddelen (zoals amiodarone) kan worden versterkt door de remming van cytochroom P450 (CYP) 3A4. Bij postmarketingsurveillance zijn er zeer zeldzame gevallen van QT-verlenging en torsades de pointes geconstateerd bij patiënten die fluconazol gebruikten. Deze rapporten omvatten ernstig zieke patiënten met meerdere verstorende risicofactoren zoals structurele hartziekte, elektrolytstoornissen en gelijktijdige behandeling die eraan kan hebben bijgedragen. Patiënten met hypokaliëmie en gevorderd hartfalen hebben een verhoogd risico op het optreden van levensbedreigende ventriculaire aritmieën en torsades de pointes. Fluconazole EG dient met voorzichtigheid te worden toegediend aan patiënten met mogelijk pro�aritmische aandoeningen. De gelijktijdige toediening van andere geneesmiddelen waarvan bekend is dat zij zowel het QT-interval verlengen als gemetaboliseerd worden door het cytochroom P450 (CYP) 3A4, is gecontra-indiceerd (zie rubrieken 4.3 en 4.5). Halofantrine Van halofantrine is aangetoond dat het in de aanbevolen therapeutische dosis het QTc-interval verlengt en een substraat van CYP3A4 is. Het gelijktijdige gebruik van fluconazol en halofantrine wordt daarom niet aanbevolen (zie rubriek 4.5). Dermatologische reacties In zeldzame gevallen hebben sommige patiënten die met fluconazol werden behandeld exfoliatieve huidreacties ontwikkeld, zoals het syndroom van Stevens-Johnson of toxische epidermale necrolyse. Aidspatiënten ontwikkelen gemakkelijker ernstige huidreacties op talrijke geneesmiddelen. Indien huiduitslag ontstaat bij een patiënt die behandeld wordt voor een oppervlakkige schimmelinfectie, en indien deze huiduitslag waarschijnlijk te wijten is aan fluconazol, moet de behandeling met dit geneesmiddel worden stopgezet. Patiënten met systemische of invasieve schimmelinfecties bij wie huiduitslag optreedt, moeten regelmatig worden onderzocht. De behandeling met fluconazol moet worden stopgezet bij blaarvormig letsel of erythema multiforme. Geneesmiddelenreactie met eosinofilie en systemische symptomen (DRESS) is gemeld. Overgevoeligheid Er is zelden een anafylactische reactie gemeld (zie rubriek 4.3). Cytochroom P450 Fluconazol is een matige CYP2C9- en CYP3A4-remmer. Fluconazol is ook een sterke remmer van CYP2C19. Met Fluconazole EG behandelde patiënten die gelijktijdig worden behandeld met geneesmiddelen met een nauw therapeutisch venster die door CYP2C9, CYP2C19 en CYP3A4 gemetaboliseerd worden, moeten gevolgd worden (zie rubriek 4.5).
Terfenadine De gelijktijdige toediening van fluconazol in doseringen die lager dan 400 mg per dag zijn, met terfenadine moet nauwlettend gevolgd worden (zie rubrieken 4.3 en 4.5). Hulpstoffen Fluconazol EG capsules bevatten lactosemonohydraat. Patiënten met zeldzame erfelijke aandoeningen als galactose-intolerantie, algehele lactasedeficiëntie of glucose-galactosemalabsorptie, dienen dit geneesmiddel niet te gebruiken.
Behandeling van
- Cryptokokkenmeningiti
- Coccidioïdomycose
- Invasieve candidiasis
- Slijmvliescandidiasis, waaronder orofaryngeale, oesofageale candidiasis, candidurie en chronische mucocutane candidiasis
- Chronische orale atrofische candidiasis ('denture sore mouth') indien mondhygiëne of topicale behandeling onvoldoende is
- Acute of recurrerende vaginale candidiasis; wanneer lokale therapie niet geschikt is
- Candida balanitis wanneer lokale therapie niet geschikt is
- Dermatomycose waaronder tinea pedis, tinea corporis, tinea cruris, tinea versicolor en dermale candida-infecties wanneer systemische therapie is geïndiceerd
- Tinea unguium (onychomycose) wanneer andere middelen als niet-geschikt worden beschouwd
Preventie van
- Terugval van cryptokokkenmeningitis bij patiënten met een hoog terugvalrisico
- Terugval van orofaryngeale of oesofageale candidiasis bij patiënten met hiv-infectie die een hoog terugvalrisico hebben
- Om de incidentie van recurrerende vaginale candidiasis (4 of meer episodes per jaar) te verminderen
- Profylaxe van candidiasis bij patiënten met langdurige neutropenie
- De werkzame stof in dit middel is fluconazol.
- De andere stoffen in dit middel zijn: Lactosemonohydraat – gepregelatineerd zetmeel – watervrij colloïdaal silicium – magnesiumstearaat – gelatine – titaandioxide (E171) – indigokarmijn (E132) - zwart ijzeroxide (E172) - geel ijzeroxide (E172).
Licht uw arts onmiddellijk in als u een van de volgende geneesmiddelen inneemt: astemizol, terfenadine (een antihistaminicum voor de behandeling van allergieën), cisapride (gebruikt bij maagproblemen), pimozide (gebruikt bij de behandeling van mentale aandoeningen), kinidine (gebruikt voor de behandeling van hartritmestoornissen), erythromycine (een antibioticum voor de behandeling van infecties), want deze geneesmiddelen mogen niet met Fluconazole EG worden ingenomen (zie rubriek: 'Wanneer mag u Fluconazole EG niet innemen?').
Bij sommige geneesmiddelen kan een interactie met Fluconazole EG optreden. Licht uw arts in als u een van de volgende geneesmiddelen inneemt, omdat een dosisaanpassing of controle nodig kunnen zijn om te controleren of de geneesmiddelen nog steeds het gewenste effect hebben:
- rifampicine of rifabutine (antibiotica tegen infecties)
- abrocitinib (gebruikt bij de behandeling van atopische dermatitis, ook wel atopisch eczeem genoemd)
- alfentanil, fentanyl (gebruikt als anestheticum)
- amitriptyline, nortriptyline (gebruikt als antidepressivum)
- amfotericine B, voriconazol (antischimmelmiddel)
- bloedverdunners ter voorkoming van bloedstolsels (warfarine of soortgelijke geneesmiddelen)
- benzodiazepinen (midazolam, triazolam of soortgelijke geneesmiddelen) om u te helpen slapen of tegen angst
- carbamazepine, fenytoïne (gebruikt bij toevallen)
- nifedipine, isradipine, amlodipine, felodipine en losartan (bij hypertensie: hoge bloeddruk)
- olaparib (gebruikt bij de behandeling van eierstokkanker)
Zoals elk geneesmiddel kan ook dit geneesmiddel bijwerkingen hebben. Niet iedereen krijgt daarmee te maken.
Stop met het innemen van Fluconazole EG en roep onmiddellijk medische hulp in als u een van de volgende klachten opmerkt:
- Huiduitslag over een groot deel van het lichaam, hoge lichaamstemperatuur en vergrote lymfeklieren (DRESS-syndroom of geneesmiddelen-overgevoeligheidssyndroom).
Enkele mensen ontwikkelen allergische reacties, hoewel ernstige allergische reacties zelden voorkomen. Vertel het onmiddellijk aan uw arts als u een van de volgende symptomen krijgt:
- plotselinge piepende ademhaling, moeite met ademhalen of druk op de borst
- gezwollen oogleden, gezicht of lippen
- jeuk over het hele lichaam, roodheid van de huid of jeukende rode vlekken
- huiduitslag
- ernstige reacties van de huid zoals huiduitslag met blaarvorming (dit kan voorkomen in de mond en op de tong)
Fluconazole EG kan uw lever aantasten. De verschijnselen van leverproblemen zijn onder meer:
- vermoeidheid
- gebrek aan eetlust
- braken
- geel worden van uw huid of uw oogwit (geelzucht)
Als zich een van deze verschijnselen voordoet, stop dan met het innemen van Fluconazole EG en vertel het onmiddellijk aan uw arts.
Andere bijwerkingen:
Vaak voorkomende bijwerkingen (kunnen tot 1 op 10 mensen treffen):
- hoofdpijn
- maagklachten, diarree, misselijkheid, braken
- verhoogde waarden van bloeduitslagen bij leverfunctieonderzoek
- huiduitslag
Soms voorkomende bijwerkingen (kunnen tot 1 op 100 mensen treffen):
- verminderde hoeveelheid rode bloedcellen, wat een bleke huid en zwakte of kortademigheid tot gevolg kan hebben
- verminderde eetlust
- slapeloosheid, zich slaperig voelen
- toeval, duizeligheid, draaierig gevoel, tintelingen, prikkelingen of doof gevoel,
- smaakveranderingen
- obstipatie, moeilijke spijsvertering, winderigheid, droge mond
- spierpijn
- leverschade en gele verkleuring van de huid of ogen (geelzucht)
- striemen, blaarvorming (galbulten/netelroos), jeuk, toegenomen transpiratie
- moeheid, algemeen gevoel van malaise, koorts
Zelden voorkomende bijwerkingen (kunnen tot 1 op 1.000 mensen treffen):
- te laag aantal witte bloedcellen die helpen beschermen tegen infecties en te laag aantal bloedcellen die helpen bij het stoppen van bloedingen
- rode of paarse verkleuring van de huid, wat veroorzaakt kan worden door een te laag aantal bloedplaatjes, andere veranderingen van de bloedcellen
- veranderingen in de bloedchemie (hoge cholesterol- of vetgehaltes in het bloed)
- te weinig kalium in het bloed
- trillen
- afwijkend elektrocardiogram (ECG), veranderde hartslag of ander hartritme
- leverfalen
- allergische reacties (soms ernstig), waaronder wijdverspreide huiduitslag met blaarvorming, vervelling van de huid, ernstige reacties van de huid, gezwollen lippen of gezicht
- haaruitval
Niet bekend (kan met de beschikbare gegevens niet worden bepaald):
- overgevoeligheidsreacties met huiduitslag, koorts, gezwollen klieren, toename van bepaalde witte bloedcellen (eosinofilie) en ontsteking van inwendige organen (lever, longen, hart, nieren en dikke darm) (geneesmiddelenreactie of uitslag met eosinofilie en systemische symptomen (DRESS-syndroom))
Het melden van bijwerkingen
Krijgt u last van bijwerkingen, neem dan contact op met uw arts of apotheker. Dit geldt ook voor bijwerkingen die niet in deze bijsluiter staan. U kunt bijwerkingen ook rechtstreeks melden via:
België: Federaal Agentschap voor Geneesmiddelen en Gezondheidsproducten - www.fagg.be - Afdeling Vigilantie : Website: www.eenbijwerkingmelden.be - E-mail: adr@fagg-afmps.be.
Luxemburg: Centre Régional de Pharmacovigilance de Nancy of Division de la Pharmacie et des Médicaments de la Direction de la Santé – website : www.guichet.lu/pharmacovigilance
Door bijwerkingen te melden, helpt u ons om meer informatie te krijgen over de veiligheid van dit geneesmiddel.
Wanneer mag u Fluconazole EG niet gebruiken?
-
U bent allergisch voor een van de stoffen in dit geneesmiddel. Deze stoffen kunt u vinden in rubriek 6. Of u bent allergisch voor andere geneesmiddelen die u heeft genomen om schimmelinfecties te behandelen. De symptomen kunnen onder andere zijn: jeuk, roodheid van de huid en moeite met ademhalen.
-
U neemt astemizol, terfenadine (antihistaminica tegen allergieën)
-
U neemt cisapride (gebruikt bij maagklachten)
-
U neemt pimozide (gebruikt bij de behandeling van mentale aandoeningen)
-
U neemt kinidine (gebruikt bij een onregelmatige hartslag)
-
U neemt erythromycine (een antibioticum voor de behandeling van infecties)
4.6 Vruchtbaarheid, zwangerschap en borstvoeding Vrouwen die zwanger kunnen worden Alvorens de behandeling te starten moet de patiënt worden geïnformeerd over het mogelijke risico voor de foetus. Na een behandeling met een enkelvoudige dosis wordt voorafgaand aan een zwangerschap een wash�outperiode van één week (overeenkomend met 5-6 halfwaardetijden) aanbevolen (zie rubriek 5.2). Bij langere behandelingskuren kan bij vrouwen die zwanger kunnen worden zo nodig anticonceptie worden overwogen, te gebruiken gedurende de hele behandelingsperiode en één week na de laatste dosis. Zwangerschap Observationele onderzoeken wijzen op een verhoogd risico op spontane abortus bij vrouwen die zijn behandeld met fluconazol tijdens het eerste trimester en/of tweede trimester in vergelijking met vrouwen die niet werden behandeld met fluconazool of die tijdens dezelfde periode werden behandeld met topische azolen. Gegevens afkomstig van enkele duizenden zwangere vrouwen die werden behandeld met een cumulatieve dosis van ≤150 mg fluconazol, toegediend in het eerste trimester, laten geen stijging zien van het totale risico op misvormingen in de foetus. In één groot observationeel cohortonderzoek was de blootstelling aan oraal fluconazol in het eerste trimester geassocieerd met een licht gestegen risico op musculoskeletale misvormingen, overeenkomend met ongeveer 1 extra geval per 1.000 vrouwen die werden behandeld met cumulatieve doses ≤450 mg, vergeleken met vrouwen die werden behandeld met topische azolen, en met ongeveer 4 extra gevallen per 1.000 vrouwen die werden behandeld met cumulatieve doses die hoger waren dan 450 mg. Het gecorrigeerde relatieve risico was 1,29 (95%-BI: 1,05 tot 1,58) voor 150 mg oraal fluconazol en 1,98 (95%-BI: 1,23 tot 3,17) voor doses die hoger waren dan 450 mg fluconazol. Uit de beschikbare epidemiologische onderzoeken naar cardiale misvormingen bij gebruik van fluconazool tijdens de zwangerschap komen inconsistente resultaten. Een meta-analyse van vijf observationele onderzoeken waarbij enkele duizenden zwangere vrouwen betrokken waren die tijdens het eerste trimester aan fluconazool werden blootgesteld, wijst echter uit dat het risico op cardiale misvormingen 1,8 tot 2 keer zo hoog is dan wanneer er geen fluconazool en/of topische azolen werden gebruikt. Casusverslagen beschrijven een patroon van geboortedefecten bij zuigelingen van wie de moeder gedurende drie maanden of langer een hoge dosis (400 tot 800 mg/dag) fluconazool kreeg tijdens de zwangerschap, ter behandeling van coccidioïdomycose. De geboortedefecten die bij deze zuigelingen werden gezien zijn brachycefalie, oordysplasie, grote fonticulus anterior, gebogen femur en radio-humerale synostose. Het is onzeker of sprake is van een causaliteit tussen het gebruik van fluconazool en deze geboortedefecten. Fluconazol in standaard dosissen en behandelingen van korte duur mag niet tijdens de zwangerschap toegepast worden tenzij er een duidelijke noodzaak voor is. Fluconazol in hoge dosissen en/of gedurende lange tijd mag niet tijdens de zwangerschap toegepast worden behalve voor levensbedreigende infecties. Borstvoeding Fluconazol wordt in de moedermelk in vergelijkbare concentraties uitgescheiden als in het plasma (zie rubriek 5.2). Borstvoeding mag worden voortgezet na een eenmalige dosis fluconazol van 150 mg. Borstvoeding wordt niet aanbevolen na herhaald gebruik of na hoge doses fluconazol. De voordelen van borstvoeding voor de ontwikkeling en gezondheid dienen in overweging te worden genomen, samen met de klinische noodzaak voor de moeder om fluconazol te gebruiken en de eventuele ongewenste gevolgen van fluconazol of de onderliggende aandoening van de moeder voor het met moedermelk gevoede kind. Vruchtbaarheid Fluconazol beïnvloedde de vruchtbaarheid van mannelijke of vrouwelijke ratten niet (zie rubriek 5.3).
Cryptokokkose
- Dag 1: 400 mg
- Volgende dagen: 200 - max. 400 mg/dag.
- Preventie bij patiënten met hoog terugvalrisico: 200 mg/dag
- 6 à 12 mg/kg/toediening, naargelang van de ernst van de infectie
- Preventie bij kinderen met hoog terugvalrisico: 6 mg/kg/dag
Coccidioïdomycose
- 200 mg tot 400 mg
Invasieve candidiasis
- Dag 1: 800 mg
- Volgende dagen: 400 mg/dag
- 6 tot 12 mg/kg dagelijks
Slijmvliescandidiasis
-
Orofaryngeale en oesofageale candidiasis:
-
Dag 1: 400 mg
- Volgende dagen: 100 mg tot 200 mg per dag
- Candidurie: 200 mg tot 400 mg per dag
- Chronische atrofische candidiasis: 50 mg per dag
- Chronische mucocutane candidiasis: 50-100 mg per dag
- Preventie van recidieven bij AIDSpatiënten: Dagelijks 100 - 200 mg of wekelijks driemaal 200 mg
- 3 mg/kg/toediening
- Een aanvalsdosis van 6mg/kg de eerste dag kan gebruikt worden
Vaginale candidiasis en Candida balanitis
- 1 x 150 mg
Recidiverende vaginale candidiasis
- 150 mg elke derde dag voor een totaal van 3 doses (dag 1, 4, en 7) gevolgd door een onderhoudsdosering van 150 mg eenmaal per week
Dermatomycosen
- 150 mg 1 x /week of 50 mg 1 x /dag
Profylaxe candidiasis bij langdurige neutropenie
- 200 mg tot 400 mg
Toedieningswijze
- De capsules moeten geheel en onafhankelijk van voedselinname ingeslikt worden
| CNK | 2124626 |
|---|---|
| Organisaties | Eurogenerics (EG) Generics & Consumer |
| Merken | Eurogenerics (EG) |
| Breedte | 70 mm |
| Lengte | 88 mm |
| Diepte | 25 mm |
| Hoeveelheid verpakking | 10 |
| Actieve ingrediënten | fluconazol |
| Behoud | Kamertemperatuur (15°C - 25°C) |